Een dag in Breskens en het natuurgebied Waterdunen

Breskens … dat is de Westerschelde.  Dat is Zeeland en zeevruchten.  Polders, stranden, wind en water. Met andere woorden: een ideale omgeving om uit te waaien, zeker voor zee-mensen zoals ik.  Wij verbleven er een kort weekend tussen water en lucht. En genoten. Tips voor een dag in Breskens!

Zeevruchten savoureren

Hoe we in Breskens terechtkwamen? Dankzij mijn zus Karen en haar man. Zij raadden ons een verfijnd restaurant aan in Hoofdplaat, Zeeland:  ‘De Kromme Watergang‘. Een plek om naartoe te trekken voor een bijzondere gelegenheid. Wij hadden dit jaar allebei een speciale verjaardag, dus: een goede reden om exquis te tafelen en visuele pareltjes van gerechten te bewonderen.

Via het restaurant logeerden wij in een luxeappartement in Breskens. Met zicht op de Westerschelde. Inclusief een chauffeur om ons op te halen en weg te brengen! Pure verwennerij. Na een avond van heerlijk savoureren en een ochtend van weelderig ontbijten, konden we een flukse wandeling in de weidse Zeeuwse polders dus absoluut gebruiken.

En zo kuierden we langs het pinguinkunstwerk bij de jachthaven naar de plek aan het water waar de historische vuurtoren ons lokte. Dachten we. Na een korte check op Google maps bleek dat de vuurtoren helemaal aan de andere kant van Breskens lag.  Al ‘kuierend’ zouden we er niet geraken. En aangezien we geen fietsen hadden, besloten we om met de auto tot daar te rijden.

Belgisch kunstenaar William Sweetlove waarschuwt met zijn rode pinguïns voor de gevolgen van de klimaatverandering – jachthaven Breskens

De vuurtoren van Breskens

Een monument is het, ‘Sectorlicht Nieuwesluis’, zoals zijn officiële naam luidt. Echt. In het vlakke Westerscheldelandschap van zachtgroen, grijs, oker, saharawit en hemelsblauw springt hij eruit, de vuurtoren van Breskens.  Met zijn zwartwit gestreepte pak van gietijzer. Hij staat er al sinds 1866-1867. En maakte deel uit van een reeks kustlichten. Toonde de weg naar de veilige haven. In regen, zon of ontij. En werd in de 21ste eeuw bijna ontmanteld. Want door de satellietnavigatie verloor hij zijn functie. Maar gelukkig werd hij gered en sinds 2015 glijdt zijn licht terug over de Westerschelde.

De Nieuwesluis (1886) naar een ontwerp van de Nederlandse architect Quirinus Harder)
Sectorlicht Nieuwesluis bij de Westerschelde

Fietsers en wandelaars houden halt. Kijken en bewonderen het oudje van vlot 150 jaar. Op de deur lees ik de ode die collega-blogster Bea Matroosbeek voor hem schreef.  Want  de toren is nu ook opengesteld voor het publiek. Via de gietijzeren trap klim je naar boven en waan je je op een rustig moment even alleen op de wereld. Een seconde vuurtorenwachter zijn – een beroep uit andere tijden. Terwijl het water van de Westerschelde verder golft in zijn oneindige beweging.

Natuurgebied Waterdunen

In Breskens is het niet alleen zalig om te wandelen (of fietsen) langs vuurtoren en strand. Op de grens tussen land en water is er ook nog een prachtig natuurgebied: de Waterdunen.  Dit bijzondere gebied is zowel een beschermende kustversterking (met getijdenwerking) als een heerlijk wandelgebied waar je via vlonders over de waterplassen loopt en vogels kan observeren. En naast de ongelooflijke stilte  de eindeloze vrijheid ervaart van het vlakke land bij de zee. Fietsen is hier verboden, maar de paden zijn zo aangelegd dat je ook met een rolstoel hier van de natuur kan genieten. Niet avontuurlijk, wel comfortabel en inclusief.

We zien aalscholvers zweven en duiken in het water,  er staat een zachte westenwind en de zon weerkaatst op de plassen.  Ze verleidt ons om één van de drie uitgezette wandelroutes door het natuurgebied te doen.  Het wordt de Zeekraalroute. Na het copieus ontbijt en het uitgebreide diner de avond ervoor kan die er nog net vanaf.

Meteen wordt ook duidelijk dat mensen soms met een verschillend doel wandelen: de één wil zo snel mogelijk bij het eindpunt zijn, de ander blijft bij elk detail hangen.  Zoals de vogelobservatieposten. Of de oesterbakken. Of een kluit prachtige distels.  😉

Verboden aan te raken: de oesterbakken

Terneuzen

Daarna is het tijd voor … een pannenkoek, toch? Om het weekend in schoonheid te eindigen en de terugrit tot in Leuven vol te houden. En waar beter dan vlakbij, in Terneuzen? Zo kunnen we tegelijkertijd nog het sluizencomplex bewonderen én op de Scheldeboulevard naar de voorbijvarende zeeschepen kijken.  Hoe majestueus en groots glijden ze voort. We voelen ons weer even kind worden als we van die machtige zeereuzen en de uitgestrekte natuur genieten.  En “Het schip”, het prachtige gedicht van Ida Gerhardt popt plots op in mijn hoofd:

Er kwam een schip gevaren;
het kwam van Lobith terug,
met grint en rivierzand geladen.
Het richtte zijn boeg naar de brug.

De scheepsbel was helder te horen,
de brugwachter kwam al in zicht;
een halfuurslag viel van de toren.
Het schip voer door schaduw en licht.

Met boegbeeld en naam kwam het nader,
de ophaalbrug ging omhoog;
een deining liep door het water
dat tegen de schoeiing bewoog.

Er stond een kind op de kade
-ik was het, ik was nog klein-
het had niets meer nodig op aarde
om volkomen gelukkig te zijn.

Het deed deugd, deze kennismaking met Breskens en dit stukje van Zeeland. Maar dat had je al wel begrepen :).

Nog een tip voor de cultuurliefhebber: vlakbij, over de grens in België, vind je in Stekene de Verbeke Foundation, een geweldig openluchtmuseum van moderne kunst. Een belevenis!

Ook leuk om te lezen:

12 thoughts on “Een dag in Breskens en het natuurgebied Waterdunen

  1. Ik ben hier vroeger als kind op vakantie geweest, maar ik kan mij er eigenlijk vrij weinig van herinneren, behalve de enorme regen haha (was in de zomervakantie en hebben toen overwogen om eerder naar huis te gaan). Maar het ziet er uit als een fijne plek om te bezoeken!

    1. Wij hadden er stralende zon – ik kan het me nauwelijks voorstellen … In die tijd was er waarschijnlijk nog geen sprake van klimaatverandering en waren de zomers in België en Nederland nog fris en regenachtig ;)?

  2. Zeeland, fantastische streek. Van de oesterbakken moet je idd afblijven maar je kan er wel zelf wilde oesters plukken. Heerlijk om te doen… nog heerlijker om ze nadien te verorberen…

      1. Zeker weten ! Wij gaan regelmatig tussen september en april om oesters te rapen !

  3. Wat fijn om te lezen! Zoveel herkenbaar, want je was natuurlijk in mijn habitat. En inderdaad, je koos het beste restaurant uit! Fijn dat je de vuurtoren bezocht en mijn gedicht fotografeerde.
    PS: de lettertjes in het gedicht zijn hier en daar al wat afgesleten, tegen volgend seizoen worden ze hersteld.

Altijd fijn om je reactie te lezen: